Bill Gates waarschuwt dat de kindersterfte wereldwijd weer oploopt. Hij baseert zich op een nieuwe analyse van de Bill & Melinda Gates Foundation, op het moment van schrijven. De stijging treft vooral landen met zwakke zorg, door minder vaccinaties, conflicten en klimaatrisico’s. Dit raakt ook Europa: financiering, Europese digitalisering gevolgen bedrijfsleven en de rol van zorgtechnologie.
Kindersterfte stijgt opnieuw
Bill Gates luidt de noodklok over de strijd tegen kindersterfte. Hij spreekt van de eerste wereldwijde stijging sinds 2000 en vraagt om versnelling. De Bill & Melinda Gates Foundation wijst op concrete knelpunten in zorg en logistiek. Het signaal: investeer snel in vaccinaties, basiszorg en data-gestuurde planning.
Kindersterfte is het aantal sterfgevallen van kinderen onder de vijf jaar per 1.000 levendgeborenen.
De oorzaken zijn bekend en stapelen zich op. Tijdens en na de coronapandemie zijn basisvaccinaties teruggevallen. Uitbraken van mazelen en polio nemen toe waar vaccins niet op tijd komen. Ook malaria en ondervoeding spelen een grotere rol door klimaat en voedselcrises.
Voor Europa telt meer dan alleen ontwikkelingshulp. Verstoringen in toeleveringsketens raken ook producenten van vaccins, spuiten en koeling. Europese bedrijven leveren software, sensoren en logistiek voor koudeketens. Investeringen en regelgeving bepalen of die oplossingen snel genoeg opschalen.
Nederlandse kennis en systemen tellen mee. Denk aan het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en koelings- en data-expertise vanuit universiteiten en startups. Zulke technologie helpt doses beter te plannen en verspilling te beperken. Daardoor komen vaccins op de juiste plek en tijd aan.
Vaccinaties lopen achter
Wereldwijd kregen miljoenen kinderen hun basisprikken niet of te laat. Veel kinderen zijn “zero-dose”: zij hebben nog geen enkel vaccin ontvangen. Dat vergroot direct het risico op mazelen en difterie. Een inhaalprogramma is nodig en vraagt om extra personeel en transport.
Techniek kan helpen om sneller te prikken. Betere koeling (de koudeketen) houdt vaccins op temperatuur, ook in warme gebieden. Slimme sensoren meten de temperatuur tijdens transport. Drones of motoren verkorten de laatste kilometers naar afgelegen dorpen.
Digitale systemen maken het werk inzichtelijk. Elektronische vaccinatieregisters leggen vast wie welke prik kreeg. Open-sourceplatforms zoals DHIS2 worden veel gebruikt in lage- en middeninkomenslanden. In Nederland registreert het RIVM vaccinaties in Praeventis; dat maakt bijsturen mogelijk.
Vertrouwen en informatie zijn net zo belangrijk. Desinformatie over vaccins vermindert de bereidheid om te prikken. De Digital Services Act verplicht grote platforms om risico’s rond schadelijke desinformatie aan te pakken. Dat ondersteunt lokale campagnes met duidelijke, controleerbare informatie.
Digitalisering raakt bedrijfsleven
Digitale innovatie versnelt inhaalzorg, maar stelt ook eisen aan leveranciers. Kunstmatige intelligentie plant routes, berekent voorraden en signaleert uitbraken vroeg. Zulke AI-toepassingen in de zorg vallen onder de Europese AI-verordening (AI Act) en gelden als hoog risico. Dat betekent strenge regels voor datakwaliteit, transparantie en menselijk toezicht.
Data combineren maakt plannen scherper. Gezondheidsdata uit klinieken zijn te koppelen aan weer- en satellietdata, bijvoorbeeld uit het Europese Copernicus-programma. Zo ontstaan kaarten met hotspots voor malaria of mazelen. Teams kunnen daarop prioriteren en personeel gericht inzetten.
Bedrijven die software en clouddiensten leveren aan zorgpartners moeten aan de AVG voldoen. Dataminimalisatie, duidelijke doelen en versleuteling zijn verplicht. Een Data Protection Impact Assessment (DPIA) helpt risico’s vooraf te beperken. In Nederland houden de Autoriteit Persoonsgegevens en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd toezicht.
De zakelijke kant is helder: compliance is randvoorwaarde voor opschaling. Leveranciers die voldoen aan AVG en AI Act hebben sneller toegang tot Europese programma’s. Open standaarden verminderen leveranciersafhankelijkheid en maken integratie eenvoudiger. Dat verlaagt kosten en versnelt impact in het veld.
Europa vergroot vaccinsteun
De Europese Commissie financiert gezondheidsveiligheid via HERA, de noodautoriteit voor paraatheid. Het gaat om productiecapaciteit, voorraden en snelle inzet bij uitbraken. Europa werkt samen met WHO, Gavi en UNICEF voor inkoop en distributie. COVAX blijft een kanaal om vaccins eerlijk te verdelen.
Nederland draagt bij via Buitenlandse Zaken en fondsen als CEPI, op het moment van schrijven. Die investeringen versnellen onderzoek naar nieuwe vaccins en productietechnieken. Daarbij horen ook trainingen, onderhoud en reserveonderdelen. Zonder die randvoorwaarden stokt de levering op het laatste moment.
Onderzoeksprogramma’s zoals EDCTP ondersteunen klinische studies in Afrika en versterking van onderzoeksnetwerken. Dat helpt om vaccins en medicijnen te testen in de context waar ze worden gebruikt. Voor Europese bedrijven ontstaan kansen in koudeketen, data en logistiek. Maar opdrachten vragen aantoonbare kwaliteit, ethiek en naleving van regels.
Malariavaccins komen beschikbaar
Tegen malaria zijn intussen twee vaccins door de WHO aanbevolen: RTS,S en R21. Landen starten gefaseerd met uitrol bij jonge kinderen. Dat kan sterfte door malaria onder de vijf jaar merkbaar verlagen. Schaal is hier de sleutel: voldoende doses, personeel en planning.
De Bill & Melinda Gates Foundation financiert al jaren onderzoek naar malaria, naast andere partners. Toch blijft productie op gang brengen een uitdaging. Grondstoffen, flesjes en filters moeten op tijd beschikbaar zijn. Elke schakel in de keten telt mee voor tempo en kwaliteit.
Europese bedrijven werken aan nieuwe platformen, waaronder mRNA-kandidaten tegen malaria. Dat kan snellere aanpassing aan varianten mogelijk maken. Klinische studies lopen in samenwerking met Afrikaanse onderzoekscentra. Resultaten bepalen of opschaling zinvol en betaalbaar is.
Data helpen om doses goed te volgen. Batchnummers, temperatuur en locatie zijn te monitoren van fabriek tot priklocatie. Met eenvoudige sms‑herinneringen komen ouders terug voor de tweede of derde dosis. Zo stijgt de effectiviteit van de campagne zonder extra verspilling.
