Kathmann: veiligheid blijft een knetterlinks tech-prioriteit

Geschreven door Matthijs

April 3, 2026 15:23

Barbara Kathmann, PvdA-politicus uit Rotterdam, zet veiligheid nadrukkelijk op de agenda. In recente uitspraken noemt zij veiligheid een uitgesproken links thema, met nadruk op preventie en digitale weerbaarheid. In Den Haag en in gemeenten wil zij criminaliteit aanpakken met zowel sociale maatregelen als slimme systemen. Daarmee raakt haar koers aan Europese digitalisering en de gevolgen voor het bedrijfsleven en publieke diensten.

Veiligheid is sociaal beleid

Kathmann koppelt veiligheid aan bestaanszekerheid, onderwijs en jeugdhulp. Een veilige wijk begint volgens haar bij perspectief en vroeg ingrijpen. Dat maakt de inzet op data en technologie ondersteunend, niet leidend. Het doel blijft minder criminaliteit en meer vertrouwen in de overheid.

Digitale veiligheid hoort daar direct bij. Burgers en bedrijven krijgen te maken met phishing, afpersing en doxing, die online beginnen maar offline schade geven. Daarom vraagt veiligheid om één aanpak van straat tot scherm. Preventie, hulp en opsporing moeten elkaar versterken.

Gemeenten en politie gebruiken steeds vaker datadashboards om hotspots te signaleren. Zo’n dashboard is een digitaal overzicht met kaarten en cijfers over meldingen en incidenten. Het kan helpen bij gerichte inzet van wijkteams en handhaving. Maar keuzes blijven mensenwerk, met duidelijke uitleg aan inwoners.

De AVG stelt daarbij grenzen, zoals dataminimalisatie en doelbinding. Dat betekent: alleen noodzakelijke gegevens verzamelen, voor een duidelijk doel. Ook zijn versleuteling en strikte toegang nodig. Zonder deze waarborgen verdwijnt draagvlak snel.

“Veiligheid is voor mij altijd een knetterlinks thema geweest.”

Cybercrime raakt elke wijk

Cybercrime groeit al jaren en treft ook het mkb en verenigingen. Ransomware kan bedrijfsvoering platleggen, terwijl datalekken leiden tot identiteitsfraude. Heldere basismaatregelen zijn cruciaal, zoals tweestapslogins, back-ups en tijdige updates. Lokale hulp en snelle opschaling bij incidenten maken het verschil.

Een wijkgerichte aanpak kan digitaal worden aangevuld. Denk aan een “digitale wijkagent” die ondernemers helpt met veilige configuraties en meldroutes. Het Digital Trust Center biedt op dit moment praktische adviezen en dreigingsinformatie voor niet-vitale bedrijven. Zo komt preventie dichtbij, in gewone taal en met concrete stappen.

Europa scherpt de eisen aan met NIS2, de richtlijn voor netwerk- en informatieveiligheid. Die verplicht meer sectoren tot risicobeheer, incidentmeldingen en ketenafspraken. Voor leveranciers en toeleveranciers betekent dit aantoonbare basisbeveiliging. Nederlandse wetgeving werkt deze plichten uit en brengt toezicht bij meerdere autoriteiten samen.

Voor burgers is een duidelijke meldroute nodig, bijvoorbeeld via de politie, het Nationaal Cyber Security Centrum en lokale loketten. Snelle registratie en terugkoppeling verkleinen de schade. Verzekeraars vragen steeds vaker om bewijs van maatregelen. Zo versterkt beleid het dagelijkse handelen.

Grenzen aan algoritmen

Opsporing maakt gebruik van algoritmen, bijvoorbeeld voor patroonherkenning. Zulke systemen kunnen helpen, maar brengen ook risico’s op bias en onterechte verdenking. Transparantie en toetsing zijn daarom noodzakelijk. Een mens moet altijd de uitkomst kunnen beoordelen en corrigeren.

De Europese AI-verordening (AI Act) zet hier kaders voor. Biometrische identificatie in de openbare ruimte wordt in principe verboden, met strenge uitzonderingen. Politie- en handhavingssoftware valt vaak in de hoge-risicoklasse. Dan gelden eisen voor datakwaliteit, documentatie, toezicht en klachtenprocedures.

Inkoop door overheden vraagt daarom om voorafgaande risicobeoordelingen. Een impact assessment beschrijft het doel, de risico’s en hoe die worden beperkt. Publicatie in het Overheidsalgoritmeregister helpt bij controle en debat. Zo blijft de inzet van technologie uitlegbaar en toetsbaar.

Voor burgers hoort daarbij recht op inzage en uitleg. Onterechte hits moeten snel kunnen worden hersteld. Dat vraagt om goede logging en besluitvorming op dossierniveau. Alleen zo kan digitale handhaving het vertrouwen verdienen.

Data delen met waarborgen

De aanpak van ondermijning vergt samenwerking tussen gemeente, politie, OM en RIEC’s. Data-uitwisseling kan patronen onthullen die per organisatie onzichtbaar blijven. Wetgeving zoals de herziening van de Wet gegevensverwerking door samenwerkingsverbanden (WGS) moet die uitwisseling regelen. De kern is: duidelijk doel, strakke grenzen en effectief toezicht.

De AVG blijft het vertrekpunt, met proportionaliteit en subsidiariteit als toets. Niet meer gegevens dan nodig, en eerst de minst ingrijpende methode proberen. Versleuteling, functiescheiding en periodieke opschoning beperken risico’s. Onafhankelijke audits maken naleving zichtbaar.

De Autoriteit Persoonsgegevens vraagt om voorafgaande gegevensbeschermingseffectbeoordelingen (DPIA’s) bij hoge risico’s. Dat helpt bij het wegen van nut en noodzaak. Ook verplicht het tot het nemen van mitigerende maatregelen. Organisaties weten zo waarvoor zij verantwoordelijk zijn.

Transparantie naar inwoners is randvoorwaarde. Leg uit welke gegevens waarom worden gebruikt, en hoe lang. Bied een laagdrempelige bezwaarroute. Zonder deze basis ondermijnt technologie het publieke gezag.

Platformen onder strenger toezicht

Online veiligheid hangt ook af van grote platforms. De Digital Services Act (DSA) verplicht deze tot risicobeoordelingen, transparantie en snelle aanpak van illegale inhoud. Dat raakt haatzaaien, doxing en georganiseerde oplichting. De Europese Commissie en nationale toezichthouders handhaven met stevige boetes.

Voor het Nederlandse bedrijfsleven betekent dit nieuwe processen en documentatie. Webwinkels en marktplaatsen moeten aanbodscontroles verscherpen. Advertentieplatforms moeten duidelijker zijn over targeting en moderatie. Europese digitalisering heeft zo directe gevolgen voor het bedrijfsleven.

Politiek en publieke instellingen profiteren van betere meldknoppen en snellere interventies. Tegelijk blijft het risico op te snelle verwijdering bestaan. Heldere beroepsmogelijkheden en onafhankelijke audits moeten dat beperken. Zo blijft het online debat stevig én veilig.

Kathmanns boodschap schuift het debat over veiligheid richting een integraal model. Sociaal beleid, digitale weerbaarheid en strikte rechtsstatelijke waarborgen horen daarin samen. Europese regels zoals de AI Act, NIS2 en de DSA geven richting en grenzen. De uitvoering in Nederland bepaalt of belofte ook praktijk wordt.

Andere bekeken ook